NOODUITGANG

Nooduitgang brandladder

Om ervoor te zorgen dat alle aanwezigen in noodsituaties een gebouw vlot zouden kunnen verlaten, moet er een nooduitgang worden voorzien die door alle bewoners is gekend. Daarom moeten de pictogrammen die de nooduitgang aanduiden in de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw worden aangebracht. Oefen deze vluchtroute minstens een keer per jaar met alle bewoners.

Volgende uitgangen komen als nooduitgang in aanmerking:

  • De centrale traphal van het appartementsblok. De personen die uit het gebouw moeten worden geëvacueerd, moeten in ieder geval de deur van binnenuit kunnen openen.
  • Een brandladder aan de buitenzijde van het gebouw. Probleem met brandladders is wel dat ze van buiten een vlotte toegang bieden tot de ramen en balkondeuren van uw appartement. Verlies volgende punten daarbij niet uit het oog:
    • controleer steeds dat de ramen en balkondeur zijn afgesloten wanneer u het appartement verlaat.
    • gebruik inbraakvertragend materiaal voor ramen en voor de balkondeur.
    • het onderste gedeelte van de brandladder (het dichtst bij de grond) moet kunnen worden opgeklapt of moet enkel van binnenuit kunnen worden geopend.
  • In sommige gevallen beschouwen de brandweerdiensten de balkons aan de straatkant als vluchtweg. Voor die balkons bestaat er echter wel een hoogtebeperking (max. 25 m van de grond). De straat moet uiteraard ook wel toegankelijk zijn voor de ladderwagen.

Teru naar vorige pagina